Werkzaamheden
Bij Huetink zijn we het hele jaar door bezig met onze teelten. Onze werkzaamheden verschillen per gewas en per seizoen. Van de grondbewerking en zaaien of planten tot gewasverzorging en oogsten: iedere fase vraagt om een andere aanpak.
Voorbereiding & grondbewerking
In de winter worden nieuwe percelen eerst ingemeten. Als we het perceel al eerder hebben gehuurd, is dit niet nodig. Hierna begint de grondbewerking. Hoe dit er precies uitziet, is afhankelijk van de voorvrucht.
Bij grasland en groenbemesters als voorvrucht wordt eerst gefreesd en geklepeld. Soms is het nodig om een perceel te kilveren, dat gebeurt dan in dit stadium. Hierna worden de percelen bij alle teelten altijd losgetrokken met de cultivator. Vervolgens worden percelen voor lelies, eerstejaars plantuien en zaaiuien geploegd of gespit. Waarvoor we kiezen, hangt af van het gewas en de voorvrucht. Bij lelies wordt meestal geploegd, bij zaaiuien komt beide voor en bij eerstejaars plantuien wordt meestal gespit.
Bij de teelt van de zaaiuien wordt het land daarna altijd klaargemaakt met de kopeg. Bij de eerstejaars plantuien zit er een kopeg voor de zaaimachine. Voor de sedummattenteelt wordt er na het lostrekken enkel nog geëgd. Daar wordt niet geploegd of gespit.
Zaaien & planten
Wanneer het land klaargemaakt is, kunnen de gewassen worden gezaaid of geplant. De leliebollen worden geplant en de eerstejaars plantuien en zaaiuien worden gezaaid. Bij de sedummattenteelt wordt eerst het perceel dichtgelegd, waarna het wordt gezaaid of bestrooid met stek. Hierover is meer te lezen op de teeltpagina.
Tijdens het planten van de lelies en zaaien van de eerstejaars plantuien dienen we met behulp van taakkaarten Nemater, een natuurlijke en plantaardige biostimulant tegen aaltjes, en Vivisol, een organische bodemverbeteraar op basis van plantaardige grondstoffen, toe. Bij de eerstejaars plantuien wordt hier nog Vivifos, een organische fosformeststof om wortelontwikkeling te stimuleren, aan toegevoegd. Met behulp van de taakkaarten kunnen we deze producten gericht toedienen.
Na het zaaien en planten wordt er bij de lelies, eerstejaars plantuien en zaaiuien soms een laag papiercellulose aangebracht. Dit wordt gedaan als anti-stuifmiddel om winderosie en stofvorming tegen te gaan. Of dit en waar dit wordt gedaan, hangt af van het weer en de grondslag.
Groeien & verzorgen
Na het zaaien en planten begint de periode die het langste duurt: de gewasverzorging.
Beregenen, kunstmest strooien en gewasbescherming zijn belangrijke werkzaamheden die in al onze teelten plaatsvinden. Welke werkzaamheden nodig zijn, verschilt per gewas en is ook afhankelijk van het weer.
Daarnaast worden in deze fase bij de lelieteelt aanvullende werkzaamheden uitgevoerd. Zo vindt er selectie plaats, wordt er gewied en worden de lelies voordat ze in bloei komen zowel machinaal als met de hand kopt.
In de sedummattenteelt worden in deze fase de matten gemaaid en gewied.
Oogsten & verwerken
Wanneer de gewassen klaar zijn om te oogsten, begint een drukke periode. De manier van oogsten en verwerken verschilt per gewas. Van het rooien van leliebollen en uien tot het rollen van sedummatten: ieder gewas vraagt om een eigen aanpak. De aanpak per teelt is te vinden op de teeltpagina.
Na de oogst van de gewassen worden percelen waar eerstejaars plantuien of zaaiuien hebben gestaan ingezaaid met gras of een groenbemester. Dit is afhankelijk van de vraag of wij het jaar erop het land wederom huren en van onze voorkeur of die van de grondeigenaar. Lelieland wordt veelal geëgaliseerd en losgetrokken, maar niet meer ingezaaid. Daarvoor is het te laat in het jaar.